technieken

Beginnen
Maak een schuifknoop om mee te beginnen:
Leg het korte eindje onder het lange...
...en steek een haaknaald in de lus en haak het garen erdoor. Trek het lange eind door de lus en trek aan.
Het lusje moet gemakkelijk over de naald glijden. Dit is de eerste steek.
Hoe u het haakwerk vast moet houden:
Potlood methode:
Hou de haaknaald vast als een pen, in uw rechterhand ongeveer 5 cm vanaf de haak tussen uw rechter duim en wijsvinger en laat hem rusten op de wijsvinger van uw linkerhand.
Mes Methode:
Neem de haaknaald tussen uw rechter duim en – wijsvinger ongeveer 5 cm vanaf de haak en laat het uiteinde van de haaknaald in de palm van uw hand rusten, op dezelfde manier als u een mes vast zou houden. Leg de draad over uw linker wijsvinger, laat hem door uw linkerhand lopen met behulp van uw pink.

Lossen
Hou met uw linkerhand de schuifknoop vast, terwijl u de haaknaald tussen de duim en wijsvinger van uw rechterhand houdt. Steek de naald onder de draad en beweeg hem omhoog terwijl u het garen vast houdt in de haak van de naald ( dit noemen we een omslag maken). Haal de haak met het garen door de schuifknoop om de eerste losse te maken.
Zo ziet een ketting van lossen eruit. Haak door totdat het vereiste aantal steken voor uw patroon is gemaakt. Reken, bij het tellen van de steken, de steek op de naald niet mee, zie het plaatje.





Halve Vaste
Steek de haaknaald door het werk zoals op het plaatje. Maak een omslag en haal de draad door de 2 lusjes op de naald.

Stokje
Sla 1 kettingsteek en steek de haak onder de bovenste lus van de 2e ketting steek (a)
Wikkel het garen om de haak en haal deze door de eerste keten lus, waardoor er twee lussen op de haak (b)
Wikkel het garen rond de haak opnieuw en haal deze door beide lussen (c)
Daar heb je je eerste stokje (dc) gemaakt!
Doe de volgende steek. Om een ​​rij van dc doen, blijven tot het einde van de ketting steken.
Obs! Voor de volgende rijen van v, keer het werk en maak een ketting steek. Dit is de draaiende ketting en geldt als de eerste v.
Dc's zijn meestal gehaakt onder beide lussen van de vorige toer.
U kunt ook haken aan de voorkant of achterkant lus alleen die een gestreept / geweven blik zal geven.


Een Half Stokje haken (hstk):
Maak een omslag (a)
Steek de haak in het bovenste lusje van de tweede losse en maak een omslag (b)
Haal de draad door de losse en hou 3 lusjes over op de naald. Maak een omslag en haal deze door de 3 lusjes op de naald (c)
Een Stokje haken (stk):
Maak een omslag en steek de haaknaald in het bovenste lusje van de derde losse (a)
Maak een omslag en haal de draad alleen door de losse, er staan 3 lusjes op de haaknaald (b)
Maak weer een omslag en haal deze alleen door de eerste 2 lusjes op de naald (c)
Maak weer een omslag en haal deze door de laatste 2 lusjes op de naald (d)
Nu heeft u een stokje gehaakt. Haak stokjes op de resterende steken van de lossenketting.





































Meerderen
Enkelvoudige meerdering in een toer:
Haak 2 steken in de onderliggende steek.
Steken meerderen aan het begin van de toer:
Haak het aantal te meerderen steken in lossen + het aantal lossen om te keren, keer het werk en haak in de nieuwe steken.
Meervoudige meerderingen aan het eind van een toer:
(a) Steek de haaknaald in het onderste deel van de laatst gehaakte steek en
(b) maak een omslag en haal deze door = 2 lusjes op de haaknaald. Maak nog een omslag en haal deze door beide lusjes. Haak weer in het onderste deel van de zojuist gehaakte steek tot het vereiste aantal te meerderen steken is gemaakt.









Meerdere minderingen op een toer:
Maak het aantal vereiste minderingen door steeds 1 st over te slaan.
of
(a) haak 2 vasten samen door de haak in de eerste steek van de vorige toer te steken, maak en omslag en haal deze door de eerste lus (2 lusjes op de naald). Steek de naald in de volgende steek van de vorige toer, maak een omslag en haal deze door het eerste lusje op de haaknaald….
(b) maak weer een omslag en haal deze door alle 3 de lusjes op de naald.
Meervoudige mindering aan het begin van een toer: Haak halve vasten op elke steek tot aan het punt waar het patroon weer verder gaat.
Meervoudige mindering aan het eind van een toer:
Haak volgens het patroon tot aan het aantal te minderen steken. Laat deze steken rusten, keer het werk en haak verder.








Geen opmerkingen:

Een reactie posten